Boswijk: ‘Nederlandse industrie heeft veel te bieden’

Boswijk: ‘Nederlandse industrie heeft veel te bieden’

Boswijk: ‘Nederlandse industrie heeft veel te bieden’

Boswijk: ‘Nederlandse industrie heeft veel te bieden’

Staatssecretaris Derk Boswijk wil de positie van de Nederlandse defensie-industrie op de Amerikaanse markt versterken. Dat moet bijdragen aan snellere innovatie bij Defensie en meer slagkracht voor de krijgsmacht. Daarom bezocht hij donderdag in de Verenigde Staten de VS-NL Defensie Industriedagen en AUSA, de grootste defensiebeurs van Noord-Amerika.
“Onze industrie heeft veel kennis en innovatiekracht in huis. Daarmee kan Nederland een belangrijke bijdrage leveren aan de ontwikkeling en opschaling van moderne defensietechnologie”, aldus Boswijk.
Verantwoordelijkheid nemen
De staatssecretaris benoemde vier manieren waarop Nederland verantwoordelijkheid neemt voor de gezamenlijke veiligheid en de samenwerking met de Verenigde Staten.
Meer investeren in defensie. Het Nederlandse defensiebudget is sinds 2022 meer dan verdubbeld. Nederland werkt toe naar de NAVO-norm van 3,5 procent van het bruto binnenlands product (bbp) voor defensie. Inclusief aanvullende uitgaven aan defensie en veiligheid moet dit oplopen tot 5 procent.
Steun aan Oekraïne. Met meer dan 1,16 miljard dollar is Nederland een van de grootste bijdragers aan het PURL-initiatief. Dit programma maakt de levering van Amerikaanse defensiemiddelen aan Oekraïne mogelijk.
Een sterkere Europese defensie-industrie. Europa moet zelfstandiger worden en beter in staat zijn zelf het benodigde materieel te produceren. Tegelijkertijd blijft samenwerking met de Verenigde Staten noodzakelijk. Amerikaanse bedrijven moeten daarom toegang houden tot de Europese markt.
Een brug tussen Europa en de VS. Nederland wil Amerikaanse technologie en industriële capaciteit verbinden met de Europese vraag, capaciteiten en partners.
Volgens Boswijk maakt een gelijkwaardiger samenwerking met de Verenigde Staten Nederland juist autonomer en onafhankelijker. “Door van klant-leverancierrelaties naar partnerschappen te gaan, zorgen we voor wederzijdse afhankelijkheden. De Nederlandse industrie heeft daarbij ook inbreng in de keten.”
Kansen voor samenwerking
Er zijn al concrete voorbeelden van deze samenwerking. Tijdens de NAVO-top in Ankara is afgesproken dat Europa een eigen locatie krijgt voor het onderhoud van PAC-3-raketten. Nederland speelde een rol bij het bijeenbrengen van de betrokken partijen.
Ook bij de productie van AMRAAM- en Stinger-raketten ziet Boswijk mogelijkheden om fabrieken aan beide zijden van de Atlantische Oceaan nauwer te laten samenwerken.
Klein land, sterke industrie
Volgens de staatssecretaris kunnen Nederlandse en Amerikaanse bedrijven elkaar goed aanvullen. Nederland heeft ondanks zijn beperkte omvang een sterke positie op het gebied van hightech, scheepsbouw, chipmachines, cyberveiligheid en ruimtevaart.
“We kunnen niet precies voorspellen wanneer de volgende oorlog komt en hoe die eruit zal zien. Wel kunnen we zorgen dat onze democratieën erop voorbereid zijn. Dat begint met een idee, een ingenieur, een ondernemer en een fabriek. Maar ook met bondgenoten die dat alles inzetten in een capaciteit die onze militairen zo snel mogelijk kunnen gebruiken”, aldus Boswijk.
Bron: defensie.nl
Staatssecretaris Derk Boswijk wil de positie van de Nederlandse defensie-industrie op de Amerikaanse markt versterken. Dat moet bijdragen aan snellere innovatie bij Defensie en meer slagkracht voor de krijgsmacht. Daarom bezocht hij donderdag in de Verenigde Staten de VS-NL Defensie Industriedagen en AUSA, de grootste defensiebeurs van Noord-Amerika.
“Onze industrie heeft veel kennis en innovatiekracht in huis. Daarmee kan Nederland een belangrijke bijdrage leveren aan de ontwikkeling en opschaling van moderne defensietechnologie”, aldus Boswijk.
Verantwoordelijkheid nemen
De staatssecretaris benoemde vier manieren waarop Nederland verantwoordelijkheid neemt voor de gezamenlijke veiligheid en de samenwerking met de Verenigde Staten.
Meer investeren in defensie. Het Nederlandse defensiebudget is sinds 2022 meer dan verdubbeld. Nederland werkt toe naar de NAVO-norm van 3,5 procent van het bruto binnenlands product (bbp) voor defensie. Inclusief aanvullende uitgaven aan defensie en veiligheid moet dit oplopen tot 5 procent.
Steun aan Oekraïne. Met meer dan 1,16 miljard dollar is Nederland een van de grootste bijdragers aan het PURL-initiatief. Dit programma maakt de levering van Amerikaanse defensiemiddelen aan Oekraïne mogelijk.
Een sterkere Europese defensie-industrie. Europa moet zelfstandiger worden en beter in staat zijn zelf het benodigde materieel te produceren. Tegelijkertijd blijft samenwerking met de Verenigde Staten noodzakelijk. Amerikaanse bedrijven moeten daarom toegang houden tot de Europese markt.
Een brug tussen Europa en de VS. Nederland wil Amerikaanse technologie en industriële capaciteit verbinden met de Europese vraag, capaciteiten en partners.
Volgens Boswijk maakt een gelijkwaardiger samenwerking met de Verenigde Staten Nederland juist autonomer en onafhankelijker. “Door van klant-leverancierrelaties naar partnerschappen te gaan, zorgen we voor wederzijdse afhankelijkheden. De Nederlandse industrie heeft daarbij ook inbreng in de keten.”
Kansen voor samenwerking
Er zijn al concrete voorbeelden van deze samenwerking. Tijdens de NAVO-top in Ankara is afgesproken dat Europa een eigen locatie krijgt voor het onderhoud van PAC-3-raketten. Nederland speelde een rol bij het bijeenbrengen van de betrokken partijen.
Ook bij de productie van AMRAAM- en Stinger-raketten ziet Boswijk mogelijkheden om fabrieken aan beide zijden van de Atlantische Oceaan nauwer te laten samenwerken.
Klein land, sterke industrie
Volgens de staatssecretaris kunnen Nederlandse en Amerikaanse bedrijven elkaar goed aanvullen. Nederland heeft ondanks zijn beperkte omvang een sterke positie op het gebied van hightech, scheepsbouw, chipmachines, cyberveiligheid en ruimtevaart.
“We kunnen niet precies voorspellen wanneer de volgende oorlog komt en hoe die eruit zal zien. Wel kunnen we zorgen dat onze democratieën erop voorbereid zijn. Dat begint met een idee, een ingenieur, een ondernemer en een fabriek. Maar ook met bondgenoten die dat alles inzetten in een capaciteit die onze militairen zo snel mogelijk kunnen gebruiken”, aldus Boswijk.
Bron: defensie.nl
Staatssecretaris Derk Boswijk wil de positie van de Nederlandse defensie-industrie op de Amerikaanse markt versterken. Dat moet bijdragen aan snellere innovatie bij Defensie en meer slagkracht voor de krijgsmacht. Daarom bezocht hij donderdag in de Verenigde Staten de VS-NL Defensie Industriedagen en AUSA, de grootste defensiebeurs van Noord-Amerika.
“Onze industrie heeft veel kennis en innovatiekracht in huis. Daarmee kan Nederland een belangrijke bijdrage leveren aan de ontwikkeling en opschaling van moderne defensietechnologie”, aldus Boswijk.
Verantwoordelijkheid nemen
De staatssecretaris benoemde vier manieren waarop Nederland verantwoordelijkheid neemt voor de gezamenlijke veiligheid en de samenwerking met de Verenigde Staten.
Meer investeren in defensie. Het Nederlandse defensiebudget is sinds 2022 meer dan verdubbeld. Nederland werkt toe naar de NAVO-norm van 3,5 procent van het bruto binnenlands product (bbp) voor defensie. Inclusief aanvullende uitgaven aan defensie en veiligheid moet dit oplopen tot 5 procent.
Steun aan Oekraïne. Met meer dan 1,16 miljard dollar is Nederland een van de grootste bijdragers aan het PURL-initiatief. Dit programma maakt de levering van Amerikaanse defensiemiddelen aan Oekraïne mogelijk.
Een sterkere Europese defensie-industrie. Europa moet zelfstandiger worden en beter in staat zijn zelf het benodigde materieel te produceren. Tegelijkertijd blijft samenwerking met de Verenigde Staten noodzakelijk. Amerikaanse bedrijven moeten daarom toegang houden tot de Europese markt.
Een brug tussen Europa en de VS. Nederland wil Amerikaanse technologie en industriële capaciteit verbinden met de Europese vraag, capaciteiten en partners.
Volgens Boswijk maakt een gelijkwaardiger samenwerking met de Verenigde Staten Nederland juist autonomer en onafhankelijker. “Door van klant-leverancierrelaties naar partnerschappen te gaan, zorgen we voor wederzijdse afhankelijkheden. De Nederlandse industrie heeft daarbij ook inbreng in de keten.”
Kansen voor samenwerking
Er zijn al concrete voorbeelden van deze samenwerking. Tijdens de NAVO-top in Ankara is afgesproken dat Europa een eigen locatie krijgt voor het onderhoud van PAC-3-raketten. Nederland speelde een rol bij het bijeenbrengen van de betrokken partijen.
Ook bij de productie van AMRAAM- en Stinger-raketten ziet Boswijk mogelijkheden om fabrieken aan beide zijden van de Atlantische Oceaan nauwer te laten samenwerken.
Klein land, sterke industrie
Volgens de staatssecretaris kunnen Nederlandse en Amerikaanse bedrijven elkaar goed aanvullen. Nederland heeft ondanks zijn beperkte omvang een sterke positie op het gebied van hightech, scheepsbouw, chipmachines, cyberveiligheid en ruimtevaart.
“We kunnen niet precies voorspellen wanneer de volgende oorlog komt en hoe die eruit zal zien. Wel kunnen we zorgen dat onze democratieën erop voorbereid zijn. Dat begint met een idee, een ingenieur, een ondernemer en een fabriek. Maar ook met bondgenoten die dat alles inzetten in een capaciteit die onze militairen zo snel mogelijk kunnen gebruiken”, aldus Boswijk.
Bron: defensie.nl
Staatssecretaris Derk Boswijk wil de positie van de Nederlandse defensie-industrie op de Amerikaanse markt versterken. Dat moet bijdragen aan snellere innovatie bij Defensie en meer slagkracht voor de krijgsmacht. Daarom bezocht hij donderdag in de Verenigde Staten de VS-NL Defensie Industriedagen en AUSA, de grootste defensiebeurs van Noord-Amerika.
“Onze industrie heeft veel kennis en innovatiekracht in huis. Daarmee kan Nederland een belangrijke bijdrage leveren aan de ontwikkeling en opschaling van moderne defensietechnologie”, aldus Boswijk.
Verantwoordelijkheid nemen
De staatssecretaris benoemde vier manieren waarop Nederland verantwoordelijkheid neemt voor de gezamenlijke veiligheid en de samenwerking met de Verenigde Staten.
Meer investeren in defensie. Het Nederlandse defensiebudget is sinds 2022 meer dan verdubbeld. Nederland werkt toe naar de NAVO-norm van 3,5 procent van het bruto binnenlands product (bbp) voor defensie. Inclusief aanvullende uitgaven aan defensie en veiligheid moet dit oplopen tot 5 procent.
Steun aan Oekraïne. Met meer dan 1,16 miljard dollar is Nederland een van de grootste bijdragers aan het PURL-initiatief. Dit programma maakt de levering van Amerikaanse defensiemiddelen aan Oekraïne mogelijk.
Een sterkere Europese defensie-industrie. Europa moet zelfstandiger worden en beter in staat zijn zelf het benodigde materieel te produceren. Tegelijkertijd blijft samenwerking met de Verenigde Staten noodzakelijk. Amerikaanse bedrijven moeten daarom toegang houden tot de Europese markt.
Een brug tussen Europa en de VS. Nederland wil Amerikaanse technologie en industriële capaciteit verbinden met de Europese vraag, capaciteiten en partners.
Volgens Boswijk maakt een gelijkwaardiger samenwerking met de Verenigde Staten Nederland juist autonomer en onafhankelijker. “Door van klant-leverancierrelaties naar partnerschappen te gaan, zorgen we voor wederzijdse afhankelijkheden. De Nederlandse industrie heeft daarbij ook inbreng in de keten.”
Kansen voor samenwerking
Er zijn al concrete voorbeelden van deze samenwerking. Tijdens de NAVO-top in Ankara is afgesproken dat Europa een eigen locatie krijgt voor het onderhoud van PAC-3-raketten. Nederland speelde een rol bij het bijeenbrengen van de betrokken partijen.
Ook bij de productie van AMRAAM- en Stinger-raketten ziet Boswijk mogelijkheden om fabrieken aan beide zijden van de Atlantische Oceaan nauwer te laten samenwerken.
Klein land, sterke industrie
Volgens de staatssecretaris kunnen Nederlandse en Amerikaanse bedrijven elkaar goed aanvullen. Nederland heeft ondanks zijn beperkte omvang een sterke positie op het gebied van hightech, scheepsbouw, chipmachines, cyberveiligheid en ruimtevaart.
“We kunnen niet precies voorspellen wanneer de volgende oorlog komt en hoe die eruit zal zien. Wel kunnen we zorgen dat onze democratieën erop voorbereid zijn. Dat begint met een idee, een ingenieur, een ondernemer en een fabriek. Maar ook met bondgenoten die dat alles inzetten in een capaciteit die onze militairen zo snel mogelijk kunnen gebruiken”, aldus Boswijk.
Bron: defensie.nl

Ambachtweg 75, 5731 AE, Mierlo
Postbus 200, 5660 AE, Geldrop
(0880) 300 100
info@noventas.nl
® 2026 Noventas - Aan de informatie op onze website kunnen geen rechten worden ontleend. Noventas aanvaardt geen aansprakelijkheid voor schade die verband houdt met het gebruik van deze website of met de tijdelijke onmogelijkheid om deze website te raadplegen. Noventas is niet verantwoordelijk voor de inhoud van de website waarnaar wordt verwezen of websites die verwijzen naar deze website.

Ambachtweg 75, 5731 AE, Mierlo
Postbus 200, 5660 AE, Geldrop
(0880) 300 100
info@noventas.nl
® 2026 Noventas - Aan de informatie op onze website kunnen geen rechten worden ontleend. Noventas aanvaardt geen aansprakelijkheid voor schade die verband houdt met het gebruik van deze website of met de tijdelijke onmogelijkheid om deze website te raadplegen. Noventas is niet verantwoordelijk voor de inhoud van de website waarnaar wordt verwezen of websites die verwijzen naar deze website.

Ambachtweg 75, 5731 AE, Mierlo
Postbus 200, 5660 AE, Geldrop
(0880) 300 100
info@noventas.nl
® 2026 Noventas - Aan de informatie op onze website kunnen geen rechten worden ontleend. Noventas aanvaardt geen aansprakelijkheid voor schade die verband houdt met het gebruik van deze website of met de tijdelijke onmogelijkheid om deze website te raadplegen. Noventas is niet verantwoordelijk voor de inhoud van de website waarnaar wordt verwezen of websites die verwijzen naar deze website.

Ambachtweg 75, 5731 AE, Mierlo
Postbus 200, 5660 AE, Geldrop
(0880) 300 100
info@noventas.nl
® 2026 Noventas - Aan de informatie op onze website kunnen geen rechten worden ontleend. Noventas aanvaardt geen aansprakelijkheid voor schade die verband houdt met het gebruik van deze website of met de tijdelijke onmogelijkheid om deze website te raadplegen. Noventas is niet verantwoordelijk voor de inhoud van de website waarnaar wordt verwezen of websites die verwijzen naar deze website.

